Diederik Brüggeman

junior projectmanager
Dura Vermeer

in gesprek met

Jurgen Schoenmakers

manager duurzaamheid
Dura Vermeer

Diederik Brüggeman

junior projectmanager
Dura Vermeer

in gesprek met

Jurgen Schoenmakers

manager duurzaamheid
Dura Vermeer

Het bestaande vastgoed moet te gast zijn in het groen

Hoe ziet de bouwwereld er in 2050 eruit?

De traditionele bouwplaats zal verdwijnen, gebouwelementen worden off-site industrieel geproduceerd en vervolgens op de bouwplaats geassembleerd. Kranen die digitaal worden aangestuurd vanuit BIM zorgen ervoor dat elementen exact volgens planning geplaatst kunnen worden. Met de uitdagingen die er zijn, zal het veel meer conceptueel en digitaal bouwen worden en gericht zijn op lokale grondstofstromen. Wat een belangrijke basis is voor de verandering zijn de 17 Sustainable Development Goals. Naast dat deze allemaal gaan over een duurzamere samenleving, zegt het ook veel over waar we naartoe moeten qua gelijkheid. Ons systeem zoals het nu draait is niet toekomstbestendig; balans en gelijkheid zijn belangrijk. Techniek speelt een belangrijke rol, maar het sociaalinclusieve en natuurinclusieve wordt nog belangrijker.

De bouw is een technische sector en de mensen die erin werken denken graag in technische oplossingen. We moeten meer gaan nadenken over hoe gaan wij de natuur inzetten om problemen op te lossen en gebieden aantrekkelijk te maken. Daarin kunnen we leren van ecologen en biologen. Die denken in ecosysteemdiensten die worden ingevuld door concrete natuuroplossingen als bomen, struiken, vijvers en insectenhotels. Onze bestaande binnenstedelijke gebieden zijn bijvoorbeeld super stenig, dit geeft problemen voor klimaatadaptatie. De temperatuur stijgt in de steden waardoor er hittestress ontstaat. Bovendien kan overmatige regenval nauwelijks weg en daalt de grondwaterstand omdat het water niet opgenomen kan worden in de bodem door de hoeveelheid bestrating. Door meer in natuuroplossingen te denken zorgen wij voor meer biodiversiteit wat bijvoorbeeld weer oplossingen geeft voor water, warmte/koelte, fijnstof en CO2. Een volwassen eikenboom staat gelijk aan de koelcapaciteit van 10 airco’s. Door groen in te zetten gaan wij ook slimmer ontwerpen. Zoals ze vroeger bij de boerderijen leilinden voor de ramen lieten groeien. In de zomer pakten deze de zon weg en in de winter kwam de zon er doorheen waardoor de warmte in de woning kwam. Door meer groen krijg je een beter thermiek. Minder harde wind door de straten. Stilstaande wind isoleert ook weer. Bomen en struiken verwerken CO2 en fijnstof. Tegelijkertijd houden ze ook verspreiding van pollen tegen, bieden nestgelegenheid en houden de bodem gezond. In het binnenstedelijke gebied is daar behoefte aan.

Wat ook een belangrijke meerwaarde van groen is, is de recreatieve waarde voor mensen. Mensen voelen zich daardoor de gelukkiger en worden gemotiveerd om meer te gaan bewegen. In Parijs is het nu zo dat er meer groene kwaliteit moet worden toegevoegd dan dat je weghaalt. Dit wordt bijvoorbeeld gedaan door publiektoegankelijke daktuinen te maken bij grote stadsappartementen. In Nederland halen wij vooral groen weg voor stenen. Om dit te voorkomen, moeten we groen een waarde toekennen. Groen heeft esthetische kwaliteit, recreatieve kwaliteit en voedende kwaliteit.

Naast natuurinclusief worden de wijken sociaal inclusiever, waar alles soorten en maten mensen door elkaar heen leven. Wij noemen dit de 5-generatiewijk. Door de Covid-periode zie je dat wij veel meer bezig zijn met hoe gaan wij met elkaar om en wat is belangrijk in onze omgeving. Groen kan daarin helpen. In groene gebieden ontmoeten, recreëren en zorgen mensen voor en met elkaar. Dat zijn zaken die belangrijk zijn voor de samenleving. Gebouwen krijgen een rol of functie in het ecosysteem. Het bestaande vastgoed moet te gast zijn in het groen. Wat kan je vanuit het groen naar het gebouw toe trekken? Groen versterkt het inclusieve karakter. Ergens moet de ruimte voor groen vandaan komen. Bijvoorbeeld minder grote eigen tuinen, meer collectief groen. Gezamenlijke binnentuinen waar veel interactie kan plaats vinden, daardoor minder verrommeling en zo een fijnere leefomgeving. Andere mindset op bezit en eigendom. Meer belangstelling voor elkaar, meer sociale wijken. Er moet een oplossing komen in deelmobiliteit. De auto is nog steeds te dominant aanwezig in onze leefgebieden terwijl deze 80% van de tijd stilstaat. Daar waar de auto plaats maakt voor groen, wordt mobiliteit wordt een issue. Maar daar zijn al tal van slimme oplossingen voor. Deelscooters, -fietsen en -auto’s bijvoorbeeld.

De uitdaging is om de wijken zowel energetisch en natuurinclusief als sociaal te verduurzamen. Ga eerst met alle stakeholders in een wijk het gesprek aan wat je in de buurt wil bereiken met elkaar. En focus je dan pas op blok-, rij- en woningniveau. Een gezonde groene buurt met een goede sociale mix kan erom vragen om ook woningen te slopen en plaats te laten maken voor groen of nieuwe woningen voor een andere doelgroep.

Wat is de rol van het bestaande vastgoed daarin?

Een van de uitdagingen binnen het bestaande gebied is de verdichtingsopgave. Bestaand vastgoed kun je heel goed aanpassen en/of uitbreiden met houtbouw. Houtbouw is constructief een stuk lichter dan beton. Je kunt bijvoorbeeld ergens een verdieping eraf halen en drie verdiepingen houtbouw erop bouwen. ‘Optoppen’ om binnenstedelijk te kunnen verdichten.

Als je nu uit het raam kijkt zie een rommel aan platte daken, allemaal verschillende afwerkingen. Waarom gebruiken wij dit niet om te vergroenen? Wij gaan gebouwen isoleren en dat gaat ten koste van de flora & fauna en dat moeten wij ergens anders oplossen. Technisch gaat het mossedum dak langer mee. Geen UV-straling, een langere levensduur. Gebieden worden koeler, zuurstofrijker, minder fijnstof. Het ruimt ook op. Dit werk ook psychologisch. Mensen met veel groen om zich heen voelen zich ook gezonder. In veel wijken met veel sociale woningbouw voelen mensen zich vaak ook minder goed, maar daar zie je ook veel steen en weinig groen.

Een andere uitdaging die wij in de stad hebben, is dat wij regenwater moeten gaan vertragen in de weg naar het riool. Als wij ons nu niet gaan aanpassen wordt het erger. Regenwater moet bij voorkeur infiltreren in de grond. Regentonnen plaatsen in tuinen om meer bewustwording te creëren bij de mensen. Platte daken voorzien van mossedum, helpt ook om het regenwater langer vast te houden.

Groen hoeft ook niet duur te zijn, maar er moet wel op een andere manier naar kosten gekeken worden. Er moet meer aandacht zijn voor de gebruiksfase. Belangrijk wordt om op waarde te sturen in plaats van alleen op de investeringskosten. Als je traditioneel blijft rekenen met nieuwe ambities, krijg je niks rond gerekend. Maak waar we vooruitgang boeken meetbaar en zichtbaar voor de mensen. Denk bijvoorbeeld aan geluk, ziekte en inbraken. Allemaal punten waarop groen een positieve invloed heeft en ook een waarde vertegenwoordigt. Zichtbaar shared value creëren zodat de lasten omlaaggaan.

"Een volwassen eikenboom staat gelijk aan de koelcapaciteit van 10 airco’s. Door groen in te zetten gaan wij ook slimmer ontwerpen"

Wat moeten we morgen anders doen?

Ga tegeltjes wippen, niet alles bestraten. Kijk bovendien eens 100 meter verder dan je eigen project. Hoe ziet de buurt eruit? Wat kan de buurt voor jou project betekenen en wat kan het project voor de buurt betekenen? Denk eens inclusiever in plaats van exclusief naar het project. Probeer de beste partner te zijn voor een wijkgerichte aanpak. Wat willen wij nu bereiken in de buurt [sociaal, natuur]? Wij zijn nu vooral bezig met de energetische technische transitie op blok niveau, wat de wet vraagt. Probeer nu collectief wijkgericht te denken. Het is een cultuurverandering om breder te gaan denken. Niet alleen oplossingen zoeken binnen je eigen kaders. Zet je expertise in om wijkgericht te denken, dan is er ineens heel veel meer mogelijk.

Wat is de rol van Dura Vermeer daarin en wat kan NRP betekenen?

Meer groene kansen (energetisch, natuur, circulair en sociaal) aanbieden en een positie en verantwoordelijkheid nemen voor de gebruiksfase en de waarden die hier gecreëerd kunnen worden. Onze expertise gebruiken om een positieve prikkel te geven aan de ‘onwetenden’ om de meest toekomstbestendige keuze te maken. Gezonder gedrag stimuleren in onze gebiedsontwikkelingen en de gebouwen die we mogen maken. De opdrachtgever willen helpen door mee te denken in verdienmodellen met waardecreatie in de gebruiksfase. Ook meer dwarsverbanden zien en deze uitleggen. Bijvoorbeeld een groen dak vraag minder capaciteit van de hemelwaterafvoer, zorgt dat je dak beter geïsoleerd is en de dakbedekking gaat veel langer mee. Durf hierin ook advies te geven, proactief. Probeer meer te experimenteren, kijk wat het doet.

NRP staat voor de verbinding in de bestaande omgeving. De NRP heeft alle aspecten om de doelstellingen te bereiken. NRP heeft de expertise om anders naar een opgave te kijken en andere invalshoeken een kans te geven. Voor een cultuurverandering heb je de hele keten nodig, die met elkaar in gesprek durft te gaan. Minder afkadering met van tot waar iedereen mee bezig is. Bovendien spreekt NRP de taal van de buurtaanpak. Alle stakeholders zijn in het netwerk vertegenwoordigd. Van gemeenten tot architecten en van bouwers tot woningcorporaties en beleggers.

Innovatieve transformatie- en renovatiespecialist Dura Vermeer geeft oude gebouwen een nieuw leven. Het transformeert monumentale kantoren tot woningen en maakt wijken energieneutraal. Prachtige projecten in een maatschappelijke context.

Lees ook

Een uitgave van NRP Academie